Delftse School

Eind jaren ‘30 gingen de architecten na de Amsterdamse School langzaam maar zeker over op een meer traditionele vormgeving, de zogeheten Delftse School, een bouwstijl die rond de Tweede Wereldoorlog opgang vond in Nederland.

Geschiedenis
Als reactie op het Functionalisme ontstaat er rond 1930 een reactie, waarbij de economische crisis een grote rol speelt. Men zoekt naar zekerheden, zoals het putten uit de Hollandse gouden eeuw en uit de klassieke Oudheid. Dit classicisme wordt in Nederland in de architectuur aangeduid als de Delftse School. Zij kwam namelijk tot ontwikkeling op de afdeling bouwkunde van de TH in Delft onder leiding van prof. Ir. Marinus Jan Granpré Moliëre (1883-1972). Gezocht werd naar de eeuwige waarheid in de architectuur (het onvergankelijke). Granpré Moliëre was ondertussen bekeerd tot het katholicisme. Vandaar dat een groot deel van de Delftse School architectuur dan ook bestaat uit religieuze architectuur. De macht van de Delftse School is in 1945 zo groot, dat de verdeling van de opdrachten voor de wederopbouw van de door oorlog getroffen gebieden, bijna allen naar de Delftse School gaan. De macht van de Delftse School duurt voort zolang Moliëre hoogleraar is in Delft (tot oktober 1953). De Delftse School wordt ook wel Traditionalisme genoemd. De stroming die de traditionele plattelandsarchitectuur wil behouden. Er zijn vooral woningen en kerkgebouwen in deze stijl gerealiseerd. Bijvoorbeeld de nieuwe plaatsen in de Wieringermeer en Noordoostpolder en diverse tuindorpen zijn volgens de ideeën van het traditionalisme gebouwd.

In de noordelijke provincies, dus ook in Groningen is weinig origineel gebouwd volgens de Delftse School. Hier en daar zien we wel enkele kenmerken die zijn gebruikt, maar er zijn weinig bouwwerken bekend die volledig voldoen aan de ideeën Granpré Moliëre en zijn volgelingen. (meest studenten van de TH in Delft).
Na de tweede wereldoorlog moest er economisch en veel gebouwd worden. Voor de gezinnen uit de arbeidersklasse werden rijtjes huizen gebouwd met de minimale afmetingen die door de regering waren vastgesteld. Ondertussen worden deze huizen tegenwoordig weer allemaal massaal afgebroken omdat ze niet meer aan de huidige woonafmetingen voldoen.

Stijlkenmerken
•De gebouwen hadden een hellend dak
•Een comfortabele huiselijke schaal Mathematische proporties
•Met vakmanschap uitgevoerde baksteenbouw zonder opsmuk
•Eerlijkheid van constructie Vereenvoudigde versie van traditionele architectuur

© 2011 MenterAroute | Realisatie Grafisch bedrijf de Bruin - Zuidbroek. m