Toeristische informatie

*1. Poeltje.
U ziet hier restanten van een oude veendijk. Die liep ten zuiden van Meeden met een lus om Veendam en Wildervank tot hier en dan naar het noorden. (..terug)

*2.Tripscompagnie.
De veenkolonie is gesticht in 1648 en genoemd naar ene Trip , een aanzienlijke Ommelander die zijn naam aan de verveningscompagnie ( een soort vennootschap) gaf. (..terug)

*3.Golfbaan en Lange Leegte voormalige brouwerij t Vosje
Tussen Tripscompagnie en Veendam komt u langs het nieuwe deel van de golfbaan. Aan het begin van de Lange Leegte (leegte= Gronings voor laagland) staan de scholengemeenschap Winkler Prins en het voetbalstadion. Waar u de ingang van de begraafplaats ziet, staan nog oude bomen. Hier was vroeger de uitspanning annex bierbrouwerij t Vosje. (..terug)

*4.Westerdiep
Het Westerdiep is het tweede hoofdkanaal van Veendam. Het diep is deels gedempt. Dat ziet u op het Prins Hendrikplein. Het café restaurant Prins Hendrik lag eens aan het water. Het grote gebouw is het hoofdkantoor van het concern Avebe. (..terug) *

5.Hertenkampschool.
Het neo classicistische gebouw achter het Hertenkamp dateert van 1914. Er waren toen een Mulo en een Rijksnormaalschool (opl. voor onderwijzers) in gevestigd. Nu ROC Noorderpoortcollege. Verderop staat de Ubbo Wilkens Fontein. Als u het Museumplein verkent dan ziet u aan het eind een hertenkamp en langs de Rabobank een fontein. Ubbo Wilkens was burgemeester. Hij liet in 1921 een legaat na voor een fontein ter gelegenheid van de aanleg van waterleiding .Cultureelcentrum Van Beresteyn Het oude deel is het Veenkoloniaal Museum. Het museum vertelt beeldend en met voorwerp het verhaal van de veenkoloniën. In het nieuwe deel zijn het VVV, de bibliotheek,de muziekschool en de artotheek gehuisvest. En een theater en een restaurant. De ingang voor alles is in het nieuwe deel.Voor het Museum staat een beeld van Anthony Winkler Prins Hij was doopsgezind predikant in Veendam en later de grondlegger van de beroemde Winkler Prins Encyclopedie. Op 9 september 2005 is de herbegrafenis (en terugkeer van Den Haag naar Veendam) van Winkler Prins. (..terug)

*6.De Oude Ae.
Bij de Hertenkamp en de fontein maar ook voor de kerk ziet u vijvers. Deze vijvers lopen van zuid naar noord dwars door Veendam. In het centrum met duikers onder de grond. Het zijn restanten van de Oude Ae. De Oude Ae is een middeleeuwse veenrivier.Ook wel MenterA genaamd. (..terug)

*7.Julianapark en Hervormde Kerk Veendam.
De kerk dateert van 1662. Is in 1765 vergroot. De toren is vaak verbouwd. De preekstoel dateert van 1767. De koperen kroonluchter is van 1785. Op de begraafplaats, die een wandeling waard is, treft men prachtige bomen aan en een aantal bijzondere 19 e eeuwse graven. Gemeentehuis Veendam Grenzend aan het Julianapark staat het gemeentehuis. Op deze plek kwam in 1879 het nieuwe Raadhuis. In 1913 werd het door er een dwarshuis in de neo-renaissance stijl voor te zetten uitgebreid. (..terug)

*8.Boven Muntendam werd Veendam.
Veendam is ontstaan uit het dorp Muntendam. Vooral langs het Oosterdiep ontstond een centrum. Boven Muntendam werd een eigen kerspel (kerkelijke gemeente) met de naam Veendam. Veendam is bijzonder als veenkolonie met een historische dorpskern. De kern heeft zich tussen twee diepen (Oosterdiep en Westerdiep ) ontwikkeld. Met daartussen het stroomgebied van de Oude Ae. De vervening bracht nijverheid en handel omdat de verveningen veel werk- volk aantrokken. (..terug)

*9 Ommelanderwijk.
Ommelanderwijk is genoemd naar het kanaal, waarlangs het gebouwd is. Dit kanaal is in 1653 gegraven. De kerk van Ommelanderwijk, links gelegen aan de Veendam-kant, dateert van 1845. Een Joodse begraafplaats is gelegen aan de Sluisweg ( rechts: dat is ongeveer 1 KM heen en terug het ruime land in . vroeger heette het hier: Numero één). De relatief grote joodse gemeenschap in Veendam,Wildervank, Muntendam en Meeden was aangewezen op de synagoge in Veendam en op de begraafplaats aan de Sluisweg in Ommelanderwijk. (..terug)

*10.Buurtschap Numero Dertien.
In 1837 stonden hier 4 woningen. Rond 1900 was de buurtschap zo gegroeid dat er een school gebouwd werd. Nu verleden tijd. (..terug)

*11.Bovenpekela en het Hoethmansmeer.
Een nu verdwenen meer van 150 hectare gelegen in het Hoethmansveen..Het was 8 voeten (ruim 2 meter) diep. In prehistorische tijden, duizenden jaren geleden, voordat het veen hier was, liepen hier jagers. Resten van jagerskampen zijn in de bodem gevonden. (..terug)

*12.Doorsnee
De Ommelanderwijk (1653: gegraven vanaf het Oosterdiep in Veendam) is hier in 1819 doorgetrokken en verbonden met de Pekel A. (..terug)

*13.Pekela.
Langs de rivier Pekel A ontstond vanaf 1600 het dorp Oude Pekela en later Nieuwe Pekela. De rivier ontsprong in het Hoethmanmeer. Wij volgen de rivier (nu gekanaliseerd) naar de bron door Nieuwe Pekela en Boven Pekela. Pekela heeft een bloeiend verleden met als hoofdonderwerpen turf, scheepvaart, landbouw en industrie (strocarton en later cartonnage) (..terug)

*14.Buurtschap Kibbelgaarn.
De bewoning van deze streek dateert van de 19e eeuw. De naam verwijst naar de twisten over de eigendomsrechten van de gronden (..terug)

*15.Zuidwending.
Zuidwending is een langgerekt dorp, gebouwd langs een zijkanaal van de Ommelanderwijk. De Ommelandercompagnie was een beleggingsmaatschappij van rijke jonkers.. Het kanaal is gedempt. Het is een oude veenkolonie. De kolonie is in 1649 gesticht. (..terug)

*16.Meeden.
Meeden is een Oldambtster wegdorp daterend uit de 13 e eeuw of eerder. Opvallend zijn de monumentale boerderijen en tuinen met imposante bomen. Ten Noorden stroomde eens de Dollard Ten Zuiden van het dorp begon het onmetelijke veen. (..terug)

*17.Natuurgebied De Wiede.
Links ziet u dit natuurgebied. Door het gebied slingeren waterlopen. Dit is nog een vrij ongerept deel van het stroomgebied van de Oude Ae (MenterA of Munter A)). Waar de bebouwing begint was een dam door de rivier. De Munterdam. De rivier ging naar het noorden waar nu het Winschoterdiep is en dan verder naar zee. (..terug)

Route

Nog meer weten?
Hieronder volgt informatie op trefwoord.

*Veenkolonie
Wild en woest en ledig was het ruwe veen. Slechts de heide vlocht er kransen over heen. Zo dichtte Anthony Winkler Prins (1817-1908 doopsgezind predikant te Veendam) het Veenkoloniale volkslied. De route leidt van het Wold - Oldambt met zijn middeleeuwse dorpen naar een jonger gebied, dat nogal tegengesteld de Oude Veenkoloniën heet. Een gebied waar eens compagnieën (zeg maar een groep aandeelhouders, een vennootschap) plaatsen stichten als Borgercompagnie ( 1647), Tripscompagnie(1648), Veendam (1648) en Wildervank (1687), Oude Pekela (rond 1600). Jongere veenkoloniën (ontginningen tot in de 20 e eeuw) liggen verder op: richting Stadskanaal en verder naar Emmen. Was het oude en onmetelijke veengebied, het Bourtanger Moor, ledig? Nee, het was een vol begroeid, soms licht glooiend moerassig land met begaanbare zandreliëfs. In het Veenkoloniaal museum in Veendam zie je dat op een schilderij dat Mancadan in 1650 schilderde. Al sinds de vroege middeleeuwen werd in dit gebied turf gegraven door de boeren en de kloosters. De monniken hadden turf nodig voor eigen gebruik ,maar ook voor het bakken van bakstenen voor hun kerken en kloosters. Dit knabbelen aan het veen zonder veel systeem noemen we randvervening. In 1594 was de Reductie en werden de kloostergronden onteigend. Vooral de Stad Groningen was de nieuwe bezitter. Rond 1600 werd het grootschalig en systematisch aangepakt,. Toen zagen particulieren brood in de turfwinning en stichtten compagnieën die het kapitaal bijeenbrachten om met de ontginning te beginnen. Dit gebeurde heel planmatig met een strak systeem van kanalen,zijkanalen en sloten. Noodzakelijk om het moeras droog te leggen. Het toen nieuwe Winschoter Diep werd de levensader. Vervolgens werd de soms meters dikke turflaag afgegraven. Dezelfde kanalen konden gebruikt worden voor het transport. Wat was het belang? Geen gouden eeuw zonder turf. (het bruine goud). De economische opleving in de 17e eeuw met explosieve stadsuitbreidingen, nijverheid en scheepsbouw moest turf hebben voor bijvoorbeeld de bakstenen, dakpannen, ovens en verwarming. De Oude Veenkoloniën zijn dus jong vergeleken bij de Wold - Oldambtster dorpen in Menterwolde. Maar hebben niet te min al 400 jaar historie. Vier eeuwen hebben hier mensen geleefd, vaak hard gewerkt onder barre omstandigheden en zo het landschap gevormd.

*Meeden.
Meeden is een Oldambtster wegdorp daterend uit de 13 e eeuw of eerder. Opvallend zijn de monumentale boerderijen en tuinen met imposante bomen. Het woord Meeden verwijst naar grasland. Denk aan meadow. Vroeger heette Meeden ook wel Eextameeden: de graslanden van Eexta. Eexta is nu het samengegroeide tweelingdorp van Scheemda. Ten noorden van het dorp was de vloedlijn van de Dollard. Het klooster van Sint Annen bezat venen ten zuiden van Meeden Aan deze venen herinneren de namen Veensloot. Dit is een afwatering en een veendijk geweest. Waar de Veensloten overgaan in Korte Akkers begint de Gemeente Veendam. Korte Akkers is een naam ontleend aan oude kaarten waarop de akkers hier opvallend kleiner waren dan elders. De Korte akkers voert langs voormalig veengebied.

*Zuidwending.
Zuidwending is een langgerekt dorp, gebouwd langs een zijkanaal van de Ommelanderwijk.. Het kanaal is gedempt. Het is een oude veenkolonie. De kolonie is in 1649 gesticht door de Ommelander Compagnie of Meedener Compagnie. Een Compagnie zouden wij nu een ontginningsmaatschappij noemen. In de Ommelander Compagnie namen veel Ommelander heren deel: de jonkers of wel de toenmalige bestuurders van de provincie. Het waren families met trotse borgen en klinkende namen: Coenders, Lewe,Albeda , Eeuwsum en Rengers Het diep is in 1968 gedempt.

*Buurtschap Kibbelgaarn.
De bewoning van deze streek dateert van de 19e eeuw. De naam verwijst naar de twisten over de eigendomsrechten van de gronden.

*Pekela
In de veenkolonie ((Oude en Nieuwe) Pekela is de doordachte en planmatige aanleg te zien. De vervening en winning van turf heeft het landschap in een eeuwenlang proces gevormd.. Het centrale gezag van de Stad Groningen dicteerde sinds 1600 nauwgezet wat men mocht en niet mocht. De stad zal vaak vervloekt zijn, maar de centrale regie bepaalde het succes en de welvaart in die tijd. De pachtvoorschriften bemoeiden zich met alles : het stelsel van wijken en zwetsloten werd in meters aangegeven.
Zo ook regels over de bebouwing. En regels over het vruchtbaar maken van het land na afgraving. De bonkaarde (top laag) moest terug en vermengd worden met stadsdrek. Zo ontstond een haast geometrisch vruchtbaar landschap. De schatting is dat in Pekela tussen 1664 en 1881 5000 hectare veen in productie is genomen. Er zijn 3 kenmerken van het Veenkoloniale dorp. Men onderscheidt een enkelvoudig kanalenstelsel ( kanaal met loodrecht op bepaalde afstanden de wijken en de zwetsloten) En er is een dubbelkanaalstelsel. Pekela is een voorbeeld van een enkelvoudig kanaalstelsel. Het kanaal is hier de deels gekanaliseerde rivier PekelA, dat nu de naam heeft van Pekelder Hoofddiep. De veenkolonie heeft een drukke(kanaal)kant: hier woonden de neringdoenden. En er is een stille kant : hier stonden hoofdzakelijk boerderijen. Dat handel en nijverheid bloeiden vond zijn oorzaak in de talrijke arbeiders die nodig waren voor de turfafgraving, maar ook in het komen en gaan van de schuiten. Turf werd afgevoerd en stadsdrek (mest voor het land) en handelswaar werd aangevoerd. Later ontstond agrarische nijverheid en scheepsbouw. Ook Pekela speelde een belangrijke rol bij de binnenvaart en de zeevaart. Zo is de vorm van een veenkoloniaal dorp ontstaan uit de verkavelingsstruktuur van het veenlandschap en de gereglementeerde bebouwing langs een hoofdiep. De beslotenheid van die bebouwing wordt regelmatig doorbroken met een uitzicht op een ongekend ruim landschap.
* Vlak na het viaduct aan de drukke kant is het vm huis van de familie Catz. Een mooi voorbeeld van veenkoloniaal ondernemerschap. De eerste Catz vestigde zich in 1789 van uit Arolson (Waldeck Pyrmont) in Pekela. Hij was drogist,hij distilleerde kruidenbitters(ook voor medicinale toepassing) en likeuren. Het was een klein bedrijfje, een soort schuur achter het winkel/woonhuis aan de PekelA. Het vestigingsklimaat was gunstig : om nieuwkomers te lokken golden lagere belasting tarieven, er was turf, er was schoon water en er was veel werklui voor de turf en de scheepvaart.Zijn kruidenelixer onder de naam Catz van Pekela was geliefd. Als het al niet hielp voor allerlei kwalen , dan toch zal de alcohol de pijn naar de vergetelheid verbannen hebben. Wie op de binnenvaart of zeevaart zat nam voor de zekerheid natuurlijk een paar flesjes mee. Ook de vrienden en kennissen in de verre konden daar mee geholpen worden als het nodig was. En zo ontstond een handels netwerk. De drogisterij/annex distilleerderij/annex zuidvruchten en kruiden handel bloeide. De familie behoorde tot de hoogst betalenden van belasting voor de synagoge.
Toen de veenkoloniale scheepvaart in de 19 e eeuw afnam (er kwamen ijzeren boten en de kanalen werden ongeschikt) heeft Catz niet afgewacht, maar zijn bedrijf naar de Stad Groningen verplaatst. De distilleerderij kwam aan de Damsterkade en zijn woonhuis daarnaast.(hoek Damsterdiep). Opvallend is dat het huis van de familie Catz te Pekela kwa architectuur lijkt op het huis in Groningen.

* Oorsprong rivier PekelA.
De bron van de rivier PekelA is een veenmeer. Het Hoethmanmeer, dat gesitueerd was op de gelijkname plek ten westen van Bovenpekela.. Op een oude kaart meandert de PekelA naar het noorden door ledigheid (op de kaart staat niets getekend) tot zuidoostelijk onder Winschoten op de oever een versterking gebouwd is : de Bruggeschans, een voorpost van de versterking Winschoten. Dan slingert de PekelA noordoostelijk verder tot de bedding van de Rensel. Hier is, toen ook versterkt, het Winschoter Zijl. De PekelA en Rensel banen zich nu een weg oostwaarts. Later zal deze bedding gebruikt worden als onderdeel van het Winschoterdiep ,zoals we bij de MenterA ook tussen Zuidbroek en Scheemda zagen. Bij Ulsda ,om precies te zijn op de plek die De Bult heet, komt de PekelA in de Westerwoldse A uit. Deze stroomt langs Booneschans en Langakkerschans (Nieuweschans) en zo noordwaarts naar de Dollard. Nu is de uitmonding bij Nieuwstatenzijl.

*Het Museum Kapiteinshuis te Nieuwe Pekela.
Wie meer wil weten over Pekela en de zeevaart in de 18 e eeuw en 19 e eeuw kan terecht bij het Kapiteinshuis. Het huis op zich is een door ligging en architectuur een authentiek historisch object en zal u verplaatsen naar vroeger tijd.Vaak ligt voor het huis de spitse praam Familietrouw. Dit schip is in het bezit van het Veenkoloniaal Museum in Veendam. Het dateert van 1894 en vervoerde vooral turf ,zand en grind.

*Doorsnee
De Ommelanderwijk (1653: gegraven vanaf het Oosterdiep in Veendam) is hier in 1819 doorgetrokken en verbonden met de Pekel A.

*Bovenpekela en het Hoethmansmeer.
Een nu verdwenen meer van 150 hectare gelegen in het Hoethmansveen..Het was 8 voeten (ruim 2 meter) diep. De bodem bestond uit zware veen. Het meer en de omgeving behoorden eens aan het klooster in Heiligerlee. Het is in 1804 drooggelegd. Hier ontsprong eens de rivier de Pekel A. Deze rivier is grotendeels gekanaliseerd, maar met name in Oude Pekela kan men door de bochten de rivier goed herkennen. Dat het hier minder gekanaliseerd is komt door de historische bebouwing: vanuit Oude Pekela begon langs de rivier de vervening rond 1600. De Pekel A was van groot belang voor de scheepvaart en de scheepsbouw en later de nijverheid en industrie. Het gebied bij het Hoethmansmeer heet Boven Pekela (Noorderkolonie en Zuiderkolonie). Hier werd rond 1760 het veen ontgonnen. Het dorp ontstond in de eerste helft van de 19e eeuw.

* In prehistorische tijden, ver voor de veengroei, kwamen in dit gebied jagers/verzamelaars, die hun kampementen opsloegen. Dit kan worden afgeleid uit de vondsten van haardkuilen die bij opgravingen in de jaren 1980-1990 aan het licht kwamen. Over deze bodemschatten begon omstreeks 7000 jaar geleden een dik pak veen te groeien. Er is vlak bij het kanaal met de John Smit fietsbrug een monument om te herinneren aan de prehistorische jagers,die hier rondliepen.

*Buurtschap Numero Dertien.
In 1837 stonden hier 4 woningen. Rond 1900 was de buurtschap zo gegroeid dat er een school gebouwd werd. Nu verleden tijd.

*Ommelanderwijk.
Ommelanderwijk is genoemd naar het kanaal, waarlangs het gebouwd is. Dit kanaal is in 1653 gegraven. Het diende voor de ontginning van het veen en de afvoer van turf. Dit kanaal heeft een systeem van zijkanalen voor de afwatering gehad.Dit veengebied hoorde eertijds bij de zg Medemer venen die in het bezit waren van het klooster te Heiligerlee. Daarvan resteren nog wijk Nummero één (Sluisweg) en nummero dertien. Wie de moeite neemt om de wijk Nummero één naar het zuiden te volgen komt uit bij de joodse begraafplaats van Muntendam, Veendam en Wildervank. De kerk van Ommelanderwijk, gelegen aan de Veendam-kant, dateert van 1845. De aanleg van het kanaal liep niet altijd voorspoedig. Pas in 1819 werd Pekela bereikt.Het diep is in 1968 gedempt.

*Joodse begraafplaats Sluisweg (Numero één).
De relatief grote joodse gemeenschap in Veendam,Wildervank, Muntendam en Meeden was aangewezen op de synagoge in Veendam en op de begraafplaats aan de Sluisweg in Ommelanderwijk. Afgelegen, omdat voor joodse begraafplaatsen eeuwig durende grafrust geldt tot de komst van de Messias. En afgelegen was een waarborg om gevrijwaard te zijn voor uitbreidingen. De begraafplaats telt ruim 300 stenen. Er zijn meer graven: houten gedenkpalen zijn in de loop van de eeuwen vergaan. De begraafplaats is gesticht in 1741 (het achterste deel) en uitgebreid in 1779 en 1902. Op joodse begraafplaatsen treft men geen of weinig) bomen ,struiken en bloemen aan. Dit om verstoring van de rust te voorkomen. Soms ziet men steentjes op een steen liggen: per keer achtergelaten door de bezoeker. Voor de begraafplaats staat de opzichterswoning met het reinigingslokaal onder één dak. Vertaald luidt de tekst van de steen: “klein en groot is daar gelijk en de slaaf is vrij van zijn heer”.

*Boven Muntendam werd Veendam.
Veendam is ontstaan uit het dorp Muntendam. Het viel onder het gezag van de drost van Zuidbroek. Toen in het begin van de 17e eeuw ter weerszijden van de Oude Ae (de Menter A) het Oosterdiep en het Westerdiep gegraven werden stonden er al wat boeren behuizingen bij de groenlanden van de rivier. Op de plek waar nu het Beneden Verlaat, Scholthuizen en Westerbrink is, ontstond door de vervening een bewonersverdichting. Hier stond ook de galg van Muntendam. Later, in de tweede helft van de zeventiende eeuw, toen de vervener Adriaan Geerts Wildervanck alle onverdeelde venen ten oosten en ten westen van de Oude Ae in handen kreeg heeft hij verderop met een laan het Oosterdiep en Westerdiep verbonden en daar een kerk gebouwd. (NH Kerk (1660) bij de Kerkstraat) Vooral langs het Oosterdiep ontstond een centrum. Boven Muntendam werd een eigen kerspel (kerkelijke gemeente) met de naam Veendam. Veendam is bijzonder als veenkolonie met een historische dorpskern. De kern heeft zich tussen twee diepen (Oosterdiep en Westerdiep ) ontwikkeld. Met daartussen het stroomgebied van de Oude Ae. Te danken aan Adriaan Geerts Wildervanck. Een andere bijzonderheid is het vele groen. (Parkstad Veendam). Dat is ook te danken aan de rivier de Oude Ae (Menter A). Planoligisch moest rekening gehouden worden met deze waterstroom door het midden van Veendam en dat is opgelost door er (verbonden) vijvers van te maken.

*Veendam in de 18e en 19e eeuw.
De vervening bracht nijverheid en handel omdat de verveningen veel werk- volk aantrokken. Het afgegraven land werd met stadsdrek vruchtbaar gemaakt. De schepen vervoerden turf en brachten stadsvuil mee terug. Schepen werden gebouwd en moesten onderhouden worden. Veendam kende perioden van bloei. Men verdiende zijn geld in de landbouw, als binnenschipper en op de buitenvaart (de hele wereld werd bevaren met een nadruk op de Oostzeehavens en Engeland ), met de scheepsbouw, met de handel, met allerlei ambachten en de grootste groep als arbeider Pioniers kwamen van heinde en ver op het nieuwe gebied af. Om geld te verdienen. Om wegens onverdraagzaamheid meer geloofsvrijheid te zoeken. Voorbeelden: mensen kwamen uit de Duitse landen, uit Zwitserland (doopsgezinden), uit Polen en verder (joden) Maar natuurlijk ook uit alle hoeken van Nederland. Veel families trokken ook generaties lang met de verveningen mee. Bepaalde familienamen kun je volgen van de 17e tot de 20 e eeuw langs de lijn van de oude en nieuwe koloniën .

*De Oude Ae.
Voor de kerk ziet u vijvers. Deze vijvers lopen van zuid naar noord dwars door Veendam.In het centrum met duikers onder de grond. Het zijn restanten van de Oude Ae. De Oude Ae is een middeleeuwse veenrivier. Tot de kanalen kwamen is de rivier gebruikt voor afwatering en scheepvaart. De Oude Ae ontsprong ten westen van Wildervank.Uit het voormalige Zwanemeer. De stroom van de Oude Ae is nog goed te volgen in Veendam. In de rivierbedding heeft men nu vijvers aangelegd. De met duikers onder de weg door aanéén geschakelde vijvers lopen van Groenrijk langs de Wilhelminasingel en de Kinksterstraat onder supermarkt De Boer en achter het Veenkoloniaal Museum langs naar de Hertenkamp en vervolgens langs de Ae kade door Veendam Noord onder Benden Dwardiep naar de Wiede. Eens liep de rivier richting Winschoter Diep (de bocht bij de brug over de N33 is nog een stuk van de oude rivier en slingerde zi langs de Oude Dijksterweg naar Nieuw Scheemda, t Waar en Nieuwolda. Vandaar naar Termunten en dan uitmondend in de Eems. De Oude Ae werd naar het klooster bij Termunten (Menterna) en de naam van het gebied vanaf Muntendam (het Wold Oldambt of Menterwolde) veelal Munter Aa of Menter A genoemd. De Oude Ae of Menter A was met de Pekel A en de Westerwoldse A van groot belang voor het Oldambt en Westerwolde. Toen men voor de vervening de kanalen en wijken groef en het veenwater aftapte, verzandde de rivier grotendeels.

* Veenkoloniaal Museum thans deel uitmakend van het Cultureel Centrum Van Beresteyn.
Vanaf de kerk ziet u naar rechts een monumentaal gebouw . Aangebouwd is een modern deel Het rijksgebouw dateert van 1913. Hierin werd een Rijks HBS gevestigd. Eind jaren 80 kreeg de Winkler Prins scholengemeenschap nieuwe huisvesting. Het Veenkoloniaal Museum Verhuisde van de bovenverdieping van de Openbare Leeszaal in de Kerkstraat naar dit gebouw. Het museum laat de bezoeker door alle episoden geschiedenis lopen. Wie deze route fietst moet het verhaal van de Veenkoloniën eigenlijk volledig maken door het Museum te bezoeken. De ingang is via het Cultureel Centrum Van Beresteyn Het Veenkoloniaal Museum vertelt met voorwerpen en in beelden het verhaal van de Veenkoloniën. Het verhaal begint in de prehistorie en gaat via de vervening, scheepvaart, landbouw, handel en industrie naar onze tijd. Veel is realistische verbeeld, u loop al;s het ware door de historie. Het museum is gevestigd in een monumentaal rijks(scholen) gebouw, dat nu een deel is van het Cultureelcentrum Van Beresteijn. Voor het museum staat het standbeeld van Anthony Winkler Prins, doopsgezind predikant in Veendam in de 19e eeuw en grondlegger van de Winkler Prins encyclopedie. In het cultureel centrum zijn ook gevestigd het VVV, de bibliotheek en een restaurant.

*Tripscompagnie.
De veenkolonie is gesticht in 1648 en genoemd naar Trip , een aanzienlijke Ommelander die zijn naam aan de verveningscompagnie ( een soort vennootschap) gaf. Trip was ook betrokken bij de verveningen rond Veendam en Wildervank. In de laatste plaats bewoonde hij een buiten. De familie Trip kwam oorspronkelijk uit Zaltbommel. Er was een bekende Amsterdammer tak en een Groninger tak. Tripscompagnie was binnen een eeuw een bloeiende buurtschap.Tot in de 20 e eeuw waren de wegen onverhard. Het kleine dorpshuis/mini cultureelcentrum Nooitgedacht ( Nieuwe Weg 1A) bij de brug was van 1863 tot 1983 een lagere school. In de periode 1898 tot 1923 was er in de omgeving van de brug aan het water een aardappelmeelfabriek met de naam”l Esperance” In het dorp hebben meer arbeiderswoningen gestaan. Tripscompagnie is een ééndiepsveenkolonie met bebouwing langs het kanaal, zoals de meeste veenkoloniën. Vergelijk met Veendam: dat is een tweediepskolonie met bebouwing tussen het Oosterdiep en het Westerdiep.

Beginpagina OudeVenenRoute

© 2011 MenterAroute | Realisatie Grafisch bedrijf de Bruin - Zuidbroek. m